Artikelen

ACW schetst nieuw landschap deeltijds leren & werken

Half september 2006 was hij er dan eindelijk: de discussienota Alternerend Leren & Werken. Na anderhalf jaar wachten, werd een evenwichtig document verwacht. Gedetailleerde passages wisselen af met warrige open vragen. Keuzes worden niet geargumenteerd. De vraag is of voorliggend document wel rijp is om vrij te geven. Een transparant landschap, zoals de minister voorstelde in zijn beleidsnota, is dit voorstel net niet. ACW riep zijn VSDV samen. Na twee vergaderingen was onze tekening van het deeltijds leren en werken klaar. Het ACW-bestuur bekrachtigde half november.

Uitgangspunt: elke jongere krijgt onderwijs en vorming dat het best beantwoordt aan zijn noden

Leren in het verlengde van wat op de werkvloer gebeurt, is de kracht van het deeltijds onderwijs. Veel van deze jongeren hebben vaak problemen thuis, op school, met de maatschappij. Deeltijds onderwijs streeft een dubbele finaliteit na: kansen bieden op een maatschappelijk leven en een succesvol perspectief op de arbeidsmarkt. Dit houdt maatwerk in, samenspel met verschillende partners om zo een voltijds, zinvol engagement met de jongere aan te gaan. De huidige opleidingsverstrekkers behouden het recht op inschrijving. Omwille van de vrijheid moet elke jongere voor zich de keuze kunnen maken welke leerweg hem de meeste kansen kan bieden. 

Verbeteren van de instap

Eerst grondig informeren

Essentieel is dat jongeren, ouders én leerkrachten uit het secundair onderwijs kennis hebben over het volledige onderwijsbestel. Bij cruciale overgangen worden alle opties besproken. Alternerend leren-werken komt nadrukkelijker aan bod bij jongeren die mogelijks het profiel onderschrijven.

Dan objectief screenen

Het intakegesprek gebeurt afzonderlijk van het inschrijven. Dit houdt een duidelijke scheiding tussen regisseur (CLB) en actor (opleidingsverstrekkers) in. Pas op deze wijze denkt het ACW een objectieve trajectbepaling uit te kunnen stippelen die alle kansen biedt. Screening is aangepast aan de noden van de jongeren en kan dus variëren in omvang. In elk geval moet er aandacht zijn voor de beroepskeuze, tewerkstellingsperspectieven, nood aan ondersteuning, persoonlijkheidsaspecten,... Het doel is ten eerste kritische succesfactoren voor de opleiding van de jongere aan te duiden. Ten tweede draagt deze horizonverruiming bij tot het maken van een bewuste studiekeuze. Dit gesprek resulteert in een vrijblijvend leerwegadvies.

Niet alle jongeren zullen dadelijk op weg geholpen kunnen worden. Voor deze beperkte groep wordt een bijkomende screeningsperiode voorzien. Proefinschrijving zorgt voor meer observatietijd wat uiteindelijk ook een oriënteringsadvies oplevert.

Tenslotte inschrijven

Na het vrijblijvend leerwegadvies schrijft de jongere zich in bij de opleidingsverstrekker naar keuze. Het ACW raakt niet aan het recht op inschrijven van de leerling, maar wil net de vrije keuze van de jongere, die gepaard gaat met het inschrijfrecht, versterken.

De analyse van de noden/verwachtingen van de jongere inzake opleiding/vorming/werk voedt de leerweg van de jongere. Van bij de start kan een combinatie van verschillende opleidingsverstrekkers mogelijk zijn, mits gelijkwaardige aansturing van de betrokken partners én verantwoordelijkheid van alle partners voor het gehele traject. Het kan dus niet dat partners voor afgeronde gehelen ‘ingekocht’ worden. Zo vormt partnerschap geen meerwaarde voor het uitgestippelde traject van de jongere.

Trajectbegeleiding als succesfactor

Eens het traject bij inschrijving uitgestippeld is, dient dit gerealiseerd te worden. Een goede trajectbegeleiding begeleidt zowel de persoonlijke ontwikkeling van de jongere als de beroepsgerichte en algemene vorming. Daarnaast dient voldoende aandacht te gaan naar de toeleiding en opvolging van het component werken. Geregelde informatie- uitwisseling tussen werkgever en opleidingsverstrekker creëert kansen tot inhoudelijke afstemming tussen beide componenten. 

Trajectbegeleiding is een gedeelde verantwoordelijkheid voor alle personen die in contact komen met de jongere. Belangrijk is de vertrouwensfiguur van de jongere een grote rol te geven in trajectbegeleiding. Niet te vergeten: de jongere staat centraal. Daarom moet op tijd en stond geluisterd worden naar de ervaringen en noden van de jongere. Het concept trajectbegeleiding dient dan ook open te staan voor flexibiliteit en lokale invulling.

Tenslotte worden de nodige middelen gevraagd zodat deze functie structureel kan ingevuld worden. Het aantal jongeren per trajectbegeleider dient beperkt gehouden te worden zodat voldoende aandacht aan het persoonlijk opvolgen besteed kan worden. 

Regionale samenwerking als voorwaarde om volledig aanbod op maat van de jongere te kunnen realiseren

Het regionaal overlegplatform moet in eerste plaats een ontmoetingsplaats zijn voor alle betrokkenen van het deeltijds leren en werken in een RESOC-gebied. De bedoeling is om enerzijds samenwerking tussen alle partners te bevorderen. Dit kan gaan over infrastructurele afspraken over gezamenlijke promotie tot overleg. Anderzijds mag dit forum niet verzanden tot een praatbarak. Vandaar dat dit platform een wezenlijk takenpakket dient te krijgen. Afstemmen van vraag en aanbod inzake voorziene opleidingstrajecten, werkervaringsplaatsen, brugprojecten,... dragen hiertoe bij. Een geleidelijke groei van de bevoegdheden wordt gepromoot.

De centjes

Het huidige financieringssysteem staat flexibele trajecten in de weg. Het centrum genereert middelen volgens aantal ingeschreven regelmatige jongeren op 1 februari. Pas op 2 februari worden de jongeren doorgestuurd. In de toekomst mogen overgangen niet uitgesteld worden of afgehouden worden omwille van financieringsregels. Daarom stelt het ACW voor dat de middelen de jongere op zijn leerweg volgen. Dergelijk systeem mag niet leiden tot onzekerheid over de basisfinanciering. Elke opleidingsverstrekker heeft recht op een leefbare basissokkel voor coördinatie, administratie en trajectbegeleiding.

Statuut van de jongere

Vandaag de dag zijn er verschillende statuten voor de werkcomponent. Vereenvoudiging en meer duidelijkheid staan dan ook centraal.

Repressieve sanctionering zal niet de gewenste gedragsverandering bij de jongeren teweegbrengen. In plaats van financiële straffen pleit het ACW dan ook voor een diepgaander aanpak. De nadruk dient te liggen op een stimulerende en vooral preventieve aanpak. Naast werken aan de jongere, dient aandacht besteed te worden aan gezinsondersteuning en leerlingenbetrokkenheid van het centrum. 

Pagina top 5

Wat is ACW ? (25307 views)
Herfst 2013 (21244 views)
Vacatures (16973 views)
Downloads (14386 views)

Contact opnemen

  • ACW algemeen secretariaat
    Postbus 20 - 1031 Brussel
    tel. 02 246 31 11
    e-mail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
  • Wegbeschrijving